ACTUEEL | Meditaties

september 2017 - De groeten van en aan de heiligen

Groet elke heilige in Christus Jezus... Al de heiligen groeten u... (Fil. 4: 21a en 22a)

Ik weet niet wat u deze zomer gedaan hebt? Zelf hebben wij heel wat heiligen gezien. Dat begon al op de dag na aankomst op onze eerste bestemming. We hadden er namelijk voor gekozen om eerst een midweek in de Franse stad Lyon door te brengen. U weet wel die plaats waar u op weg naar het zuiden het liefst met een flinke boog omheen rijdt. Deze keer deden we dat bewust niet en hielden we halt in de stad die eens onder haar Latijnse naam Lugdunum door het leven ging. Dat was zo toen in de tweede eeuw kerkvader Ireneüs er bisschop was. Niet dat we veel sporen van hem tegenkwamen. Nee, wat meer op ons netvlies is blijven hangen is de zeer aanwezige heiligenverering. Dit bleek o.a. uit een bezoek aan het op een heuvel gelegen stadsdeel Fourvière, waar maar liefst de hele kelderverdieping van de daar gebouwde basiliek gewijd is aan de wereldwijde verering van Maria. Onderweg naar beneden vind je in het trappenhuis de tekst van het 'Wees gegroet, Maria' in het Japans en Nederlands gebroederlijk naast elkaar hangen. In de crypte zelf zie je hoe van Vailankanni in Zuid-India tot in Częstochowa in Polen de Mariaverering vormgegeven wordt. En ja, ook Libanon is vertegenwoordigd met op de achtergrond de majestueuze ceders. U begrijpt dat ik dit opmerk vanwege mijn recente studiereis naar dat land.

Op een andere plek in de stad, in een kerk die naar het dogma van de onbevlekte ontvangenis is genoemd, zagen we in een nis van de kerk allemaal gedenkplaten gewijd aan St. Jude, meestal met een heel specifieke datum erop vermeld. Achteraf, thuis, kwam ik erachter dat deze dankbetuigingen gericht zijn aan het adres van Judas, de discipel van Jezus die ook wel Thaddeüs wordt genoemd (zie Mt. 10: 3 en Mk 3: 18). In de RKtraditie is hij de beschermheilige van de hoop en van de 'onmogelijke gevallen'. Volgens een buitenbijbelse overlevering vroeg koning Abagar van Edessa eens aan Jezus om te genezen van lepra en hem een kunstenaar te sturen met een afbeelding van Jezus. Onder de indruk van Abagars grote geloof, zou Jezus toen zijn gezicht op een doek hebben gedrukt, waarbij een afdruk van zijn gezicht achterbleef. Judas Thaddeüs zou deze doek vervolgens naar de koning hebben gebracht en hem daarmee hebben genezen. Na zijn dood zouden velen zich tot hem gericht hebben, biddend om zijn gebed en voorspraak. Hoewel ik persoonlijk niets heb met deze heiligenverering, moest ik wel denken aan de concrete mensen in Lyon met grote nood en soms zelfs wanhoop in hun hart. Uit de gedenkstenen kunnen we opmaken dat ze hulp vonden bij God.

Behalve Maria en St. Judas, kwamen we ook andere heiligen tegen. Ze waren niet opgehangen aan de muur op een zuil gezet. Nee, we kwamen ze tegen tijdens de twee kerkdiensten die we op onze uiteindelijke bestemming bijwoonden. 'Heiligen', we schijnen allemaal behoefte aan ze te hebben. Dat maak ik ook op uit de populariteit van programma's die over beroemdheden als prinses Diana gaan. Een overkoepelend kenmerk van deze mensen is opvallend genoeg wel dat ze eerst overleden moeten zijn om als heilige gezien te kunnen worden. Dat is natuurlijk ook niet gek, want wie deze mensen in levenden lijve, van dichtbij, heeft gekend, weet dat ook zij zeker niet vrij waren van allerlei zonden en gebreken. Ze hadden daar immers net zo goed en net zo veel last van als wij!

Dan is Paulus toch wel heel bijzonder met zijn groet boven dit stukje. Hij vraagt ons daarin namelijk niet om schilderijen, beelden of overleden mensen te groeten. Nee, als we de laatste verzen van Filippenzen 4 goed bekijken, dan zien we dat zijn groet zowel afkomstig als bestemd is voor levenden: 'de heiligen groeten de heiligen'. Paulus kan zichzelf, zijn mede-afzenders en degenen aan wie hij schrijft geen heiligen noemen omdat ze als mens uitsteken boven een ander. Wel kan hij dat doen omdat zij allemaal door het geloof verbonden mogen zijn met De Heilige, met Jezus Christus. Die verbondenheid geeft deze doodgewone mensen een heerlijke status. Want heerlijk is het toch als je mag weten dat het goed met je komt, ondanks dat je zelf keer op keer naar God en mensen te kort schiet en faalt. Daarom zongen we ook blij op het terras van die camping, met andere Nederlandse gelovigen: 'Samen in de Naam van Jezus, heffen wij een lofzang aan'. En een week later deden we iets soortgelijks met een aantal Franse zusters en broeders. Met laatstgenoemden mochten we ook het Heilig Avondmaal vieren en tijdens het delen tegen elkaar zeggen: "De gemeenschap met het lichaam en bloed van Christus". Op zo'n moment voel je, wordt je ervan verzekerd: Hij maakt mij zondaar heilig. Dat is een geweldige groet van Christus. Ik geef hem hierbij aan u door en wens alle lezers een heel goed seizoen toe!

Ds. B.F. Bakelaar

Meer meditaties

SeptemberDe groeten van en aan de heiligen
JuliHet troostboekje van Luther
JuniHoe nu verder?
MeiGerafeld en vol gaten
AprilDe blauwe envelop van God
MaartZingen met en over Jezus
FebruariHet onderwijs van Jezus
JanuariBeproefd in januari
 
Inloggen
© 2001-2017 Kerkaandelek.nl
Kerkaandelek.nl RSS feeds