Ik ben met U Ik ben met U
Naar aanleiding van Mattheüs 28 vers 16-20

"Ik ben met u." Dat zegt Jezus in de laatste woorden die Hij op aarde heeft gesproken. Vlak voor Zijn hemelvaart zegt Hij niet: "Ik was met u, want Ik ga heen tot Mijn Vader.Jezus zegt evenmin: "Ik zal met jullie zijn." Maar dat is in de toekomst, wanneer Ik kom op de wolken van de hemel, en dat kan heel lang duren. Nee, Jezus zegt: "Ik ben met u." Tijd van de tegenwoordige tijd. De schuld die scheiding maakte, heb Ik weggenomen. In het "Ik ben met uklinkt de naam van God: "Ik zal er zijn."
Het is opmerkelijk waar Jezus Zijn laatste woorden uitspreekt. Dat is op een berg. Een berg is in de Bijbel, en vooral in het Evangelie naar Mattheüs, veel meer dan een verhoging in het landschap. Het is de plaats waar hemel en aarde elkaar raken, waar God zich bekendmaakt. Mattheüs vertelt meerdere malen dat Jezus op een berg is om te bidden. Dan gaat Hij hogerop en zoekt Hij het contact met Zijn Vader. Zijn geboden en beloften gaf Jezus vanaf een berg. Even later neemt Jezus drie van Zijn leerlingen mee een hoge berg op, waar Hij voor hun ogen van gedaante verandert. De kruisiging vond plaats op een verhoging in het landschap: Golgotha. Dat was allesbehalve een hoogtepunt, veeleer een dieptepunt. Het is maar hoe je ernaar kijkt. Als het aankomt op gehoorzaamheid aan God, tot het uiterste, zowel aan God als aan mensen vasthouden, ook wanneer dat kleerscheuren kost en zelfs diepe wonden oplevert, dan is Golgotha een hoogtepunt van gehoorzaamheid, van verzoening, van de overwinning op de macht van de boze.
Jezus ontbiedt Zijn discipelen op een berg in Galilea. Die landstreek is iets van een wachtwoord, een woord van herkenning. Het is de landstreek waar Jezus Zijn discipelen riep, waar hun verhaal met Hem, hun nieuwe leven, is begonnen. Het noorden van Israël, waar vanuit het vrome Judea op werd neergekeken: het gebied van het halve heidendom. De landstreek van de duisternis en de schaduw van de dood. Veldslagen werden daar geleverd. Het is het land waar de gewelddadige machten zich breed maken, waar van alles en nog wat beslag wil leggen op je leven. Galilea staat voor het enorm tegen de dagen opzien, voor het lijden aan gebroken relaties. Kortom, er is daar enorm veel dat het "Ik ben met u" weerspreekt en het uiterst moeilijk maakt om dat te beamen.
Jezus heeft daar Zijn leerlingen ontboden: de elf leerlingen. Daar zit een verhaal aan. Aan de twaalf, het getal van de volheid, ontbreekt er één: Judas. Hij heeft Jezus verraden. Toen het tot hem doordrong wat hij gedaan had, ging hij naar de leiders van Israël en zocht in de tempel naar verzoening van zijn schuld. Hij wendde zich helaas tot degenen die geen pardon kenden. In pure wanhoop heeft Judas daarom een einde aan zijn leven gemaakt.
Lege plekken in de gemeente blijven schrijnen en wennen nooit. Uitgerekend de niet-volmaakte, maar geschonden gemeente wordt ontboden.
Als de leerlingen Jezus zien, aanbidden ze Hem. In aanbidden zit een beweging van toenadering. Maar de twijfel is ook meegegaan de berg op. In het woord 'twijfel' zit, ook in de grondtaal, het woord 'twee'. Het is hinken op twee gedachten, naar twee kanten getrokken worden. Er klinkt ook het woord 'distantie' in mee. Toen ze Hem zagen, aanbaden ze Hem, bewogen zich in Zijn richting, maar sommigen namen afstand. Jezus ziet die dubbele beweging en trekt zich niet terug.
Integendeel, Hij komt naar hen toe en zegt: "Mij is gegeven alle macht in de hemel en op de aarde." Jezus heeft de macht niet gegrepen. Daartoe is Hij wel door de duivel verzocht. Maar die weg van de minste weerstand, waarlangs Hij de macht kon grijpen, is Jezus niet gegaan. Hij ging de weg van de liefde, die lijden en Hem zelfs het leven kostte. De Gekruisigde is door God alle macht verleend, en dat kleurt en bepaalt die macht.
Dat Jezus alle macht gegeven is in de hemel en op de aarde, moet geweten worden. Daarom moet die geschonden gemeente heengaan, grenzen die er tussen mensen bestaan overschrijden. "Maak alle volken tot Mijn discipelen." Dat is veel meer dan een op het verstand gerichte bezigheid. Aan leerling maken komt zeker heel wat overdracht van kennis te pas, maar daar heb je niet alles mee gezegd. Een leerling is in de Bijbel iemand die bij de leermeester blijft en van hem wil afkijken hoe hij leeft. Het is iemand inwijden in de nieuwe werkelijkheid die met kruis en opstanding is begonnen: ondergedompeld worden in de naam van Vader, Zoon en Geest, gezet worden op de naam van de drie-enige God, Zijn eigendom zijn.
Tegen de moordenaar aan het kruis zei Jezus: "Jij zult met Mij zijn in het paradijs." Door het sterven heen. Dat is ook waar, en dat is een geweldige belofte. Er zijn mensen die daar alle nadruk op leggen: eenmaal, wanneer ik gestorven ben, hoop ik bij Christus te zijn. Maar Jezus zegt hier: "Ik ben met u." Nu al.
Het valt op hoe vaak Jezus in Zijn laatste woorden het allesomvattende woord gebruikt: "Ga heen, maak alle volken tot Mijn discipelen, leer hen onderhouden alles wat Ik u geboden heb, en Ik ben met u alle dagen." Jezus had wat dat laatste betreft ook kunnen zeggen: "Ik ben met je, je hele leven.Maar dat is toch minder. De dag is ook de tijdmaat voor de mens. Het stapsgewijze is veelzeggend. Het zijn de dagen waarin degenen die op Christus' naam gezet zijn, vervolgd worden. Dagen waarin je een strijd levert om het geloof niet te verliezen. Dagen waarop het wonen in Galilea uiterst zwaar is. Dagen waarop een ziekte je sloopt. "Ik ben met je." Niet tot je laatste snik, maar tot aan de voleinding der wereld.
Als ik me niet vergis, vrezen veel mensen een enorme catastrofe waarmee de geschiedenis eindigt. Je kunt je dat, gezien allerlei ontwikkelingen, ook voorstellen. Jezus heeft het evenwel niet over de vernieling, maar over de voleinding van de wereld: het tot zijn bestemming komen. Een wereld waar niemand meer in de ban is van hetgeen van God vervreemd.
"Ik ben met u.U begrijpt en weet uit ervaring dat geloven geen rustige constatering is, zeker niet in Galilea. Het valt op dat de discipelen in deze passage niets zeggen. Toch zou het laatste woord, het woord "amen", wel eens hun antwoord kunnen zijn.
Ds. D.M. van de Linde
mei/juni 2026
terug