ACTUEEL | Meditaties

november 2011 - U verwacht ik...

Weldra breekt de tijd van Advent weer aan. Tijd van verwachting, gewekt door Gods belofte dat Hij komt. Tot heil en gericht. We geloven dat deze belofte in principe vervuld is in de verschijning van Jezus Christus. Maar ze is nog niet ten vòlle vervuld. Een deel van de belofte staat nog uit: het komen van God in de heerlijkheid van Zijn Koninkrijk. Er is nog een tegoed. Ook nu. En waar die belofte geloofd wordt, gaat een mens uitzien, hopen, verwachten...

Over die geloofsverwachting gaat het in dit lied. Driemaal komt het woord ‘verwachten’ er in voor. En alle keren betekent het: ‘gespannen uitzien, naar iets, of naar iemand’.
Nu lijkt ‘verwachting’ voor mensen in onze tijd een schaars artikel te zijn. Er zijn mensen die zó teleurgesteld zijn in het leven, dat ze geen belofte van toekomst meer geloven kunnen.
Er zijn er ook, die geen cent geven voor de toekomst van onze planeet. Als we zo doorgaan, zeggen ze, hebben we niets te verwachten dan ondergang.
Anderen vallen hen bij en zeggen: Wij hebben zo lang storm gelopen tegen onrecht en tegen onvrede en tegen onheil. Maar dat haalt allemaal niets uit, het blijft allemaal hetzelfde. Wij gooien het bijltje erbij neer...
Het lijkt wel of ‘verwachting’ het luxe voorrecht is van onervaren mensen, die nog niet weten wat er te koop is in het leven. Of van oppervlakkige mensen, die niet niet wìllen weten. Of van een klein clubje van mensen die er goed aan toe zijn, en die zich de luxe van verwachting wel kunnen permitteren.

Is de dichter van Psalm 25 zo iemand? Nee, integendeel. Wat is die man er ellendig aan toe! Omringd door vijanden die hem haten met een boosaardige haat. Eenzaam en ellendig, benauwd en angstig. Bovenal: verbroken van hart en verslagen van geest vanwege zijn zonden, ook die van zijn jeugd. Kortom, een man van lage stand, in elk opzicht. Maar ìn die diepte, en vanuit die diepte heft hij zijn ziel tot God op: ‘U verwacht ik…’
Is dat hopen tegen beter weten in? Is dat de moed der wanhoop? Nee, dat is de hoop die geboren wordt uit het betrouwen op God. U verwacht ik - want U bent de God van mijn heil! God is een God van heil, van redding, van hoop voor hopelozen.
Omdat de dichter dàt van zijn God gelooft, heft hij zijn ziel tot Hem op. U verwacht ik! U! Niet de verbetering van mijn situatie - nee, U! Niet ìets van U - nee, Uzèlf!

En laat mij daarin nu toch alstublieft niet beschaamd worden!
Ja, dat is de grote aanvechting van de geloofs-verwachting. Zullen we tevergeefs op God gehoopt hebben? Zal het ooit blijken allemaal een ijdele droom geweest te zijn...? Nee, zegt de dichter van dit lied, dwars tegen zijn eigen aanvechting in: Allen die U verwachten, zùllen niet beschaamd worden. De Here kòmt. En als Hij komt, brengt Hij alles mee.
De Psalm zingt er uitvoerig van: vergeving van zonde, verlossing uit benauwdheid, onderricht in de weg die we hebben te verkiezen, voorspoed, en beërving van het land van vrede en gerechtigheid. In één woord: de Messias, en Zijn heil.

U verwacht ik. Dat is de kern van de viering van Advent. Waar het dan wel op áánkomt, is: die verwachting zuíver te houden. Daarom vraagt de dichter (vers 21): ‘vroomheid en oprechtheid mogen mij behoeden’. Juist als de vervulling van de belofte lang uitblijft, en de verwachting daardoor tot het uiterste gespannen wordt, is de verleiding zo groot om op àndere machten en krachten te gaan hopen. Het is ook niet denkbeeldig, dat we met de mònd zeggen dat we op God hopen, maar dat we in de praktijk van het leven doem-denkers zijn. Laten vroomheid (integriteit) en oprechtheid mij behoeden...

Verwachting. Dat is niet alleen bedoeld voor de Adventsweken. Het wil de grondhouding zijn voor alle dagen van bestaan. Zoals bij Simeon en Anna, van wie we lezen in Lukas 2. Zij behoorden tot de kring, die voor Jeruzalem verlossing verwachtten. Nu, die worden inderdaad niet beschaamd! Simeon mag de kleine Messias in de armen nemen en God loven; en Anna met hem. Wie Hem verwachten, die zullen de kracht vernieuwen, ze zullen opvaren met vleugelen als arenden (Jesaja 40: 31).

Ds. B. de Jong

Meer meditaties

DecemberKindeke...
NovemberU verwacht ik...
OktoberLuchtkastelen
JuliGods woning (2)
JuniGods woning (1)
MeiDe doorbraak van het licht
April... maar een slechte raad!
MaartEen goed getuigenis...
FebruariAlles? Genoeg!
JanuariHeil en zegen
 
Inloggen
© 2001-2012 Kerkaandelek.nl
Kerkaandelek.nl RSS feeds